Het kort geding 17 juli

Geliefde gemeente,

In dit bericht blikken we terug op de zitting van het kort geding afgelopen vrijdag. Eerst een algemene opmerking: de laatste tijd bereiken ons vragen over onze mening en aan welke kant wij staan in het kort geding. Onze visie is te lezen op de website. Het oordeel over de inhoudelijke zaken laten wij over aan de rechter. Zij heeft aangekondigd uiterlijk 7 augustus uitspraak te doen – later dan gebruikelijk, vanwege de complexiteit van de zaak.

Hieronder zetten we voor u op een rij wat ons opviel tijdens de behandeling.

De vijf verkozen ambtsdragers

Zowel de rechter als mensen van buiten onze gemeente toonden zich verbaasd over de verkiezing van vijf oud-ambtsdragers, terwijl acht andere oud-ambtsdragers niet verkiesbaar waren. De rechter merkte op dat dit iets zegt over de steun die deze broeders in de gemeente genieten. Maar is dat een terechte opmerking? In de praktijk hadden gemeenteleden nauwelijks keuze: er was slechts één kandidaat die geen oud-ambtsdrager was. Blanco stemmen was mogelijk als signaal, maar zou niets veranderd hebben aan een meerderheid van stemmen voor oud-ambtsdragers. Een mansledenvergadering die massaal blanco stemt, is niet realistisch. De vraag blijft daarom of deze stemming echt als een representatieve stem van de hele gemeente kan worden gezien.

De rechter vroeg ook naar de omvang van de steun voor de diakenen. Is die vraag relevant? Een kleine groep kan immers luidruchtig zijn, terwijl velen afwachten. Bovendien gaat het bij rechtshandhaving om het recht zelf, niet om draagvlak: recht is recht, ook zonder meerderheidssteun.

Opvallend was verder de onrust die de vijf verkozen broeders veroorzaakten. De parketpolitie moest eraan te pas komen voordat de zitting kon beginnen. De rechter sprak over het belagen van haar medewerkers en over de moeilijkheden die op de gang voor de bode en parketpolitie ontstonden (zie de eerste versie van het RD-artikel). Dit betrof onder meer de vijf broeders. Uiteindelijk vroeg de rechter de advocaten de situatie op de gang te kalmeren. Roept dit het beeld op van ambtsdragers die de gemeente in woord en daad voorgaan? (Zie rol van de kerkenraad) Getuigt het van nederigheid om jezelf als belanghebbende te presenteren terwijl je niet gedaagd bent? Roept het geestelijke jaloersheid op wanneer gedrag zo ver gaat dat de politie moet ingrijpen?

Een leugen

De advocaat van de gedaagden verklaarde dat er geen bezwaren waren ingediend tegen de gekozen kandidaten. Dat is onjuist. In de nieuwsbrief van 13 juli jl. melden de deputaten ex artikel 39 DKO expliciet dat meerdere leden bezwaar hebben gemaakt tegen de bevestiging van deze kandidaten en dat er nog de mogelijkheid bestond om bezwaar in te dienen bij de classis. Die bezwaren zijn volgens dezelfde brief “zorgvuldig gewogen”. Dit betekent dat alle deputaten ervan op de hoogte waren. Het is daarom opmerkelijk dat hun advocaat het tegendeel beweert.

Integriteit van een christelijke advocaat

Een advocaat is beëdigd en gebonden aan strenge gedragsregels. Hij mag niet liegen tegen de rechter. Door het afleggen van de eed roept hij God daarbij als getuige aan. Het is daarom zeer opmerkelijk dat juist een christelijke advocaat, die ook deputaat Kerkrecht is, feitelijke onwaarheden aan de rechter voorlegt.

Schuldbelijdenis

In de gemeente leven vragen of de verkozen broeders schuldbelijdenis moeten doen. De deputaten ex artikel 39 DKO hebben dit in de nieuwsbrief van 11 juni jl. afgewezen: schuld zou niet aan specifieke personen toe te wijzen zijn. Is dat standpunt consequent? Eerder stelden wij al vragen bij de taak van de ouderlingen in deze situatie. Is er werkelijk niemand aan te wijzen, of willen de deputen ex artikel 39 DKO dat niet? Waarom wordt er in recente nieuwsbrieven dan wel herhaaldelijk naar de acht oud-diakenen gewezen als veroorzakers van de problemen? Ook bij de kandidaatstelling werd gekeken naar ieders opstelling in de afgelopen periode, een indirecte beschuldiging van de oud-diakenen.

Een journalist meldde eerst dat de vijf broeders schuldbelijdenis hadden gedaan voor de kerkenraad, maar dit werd later gerectificeerd. Mocht dat alsnog gebeuren, dan geldt artikel 75 van de Dordtse Kerkorde: openbare verzoening bij ernstige zonden, mits er betrouwbare tekenen van boetvaardigheid zijn, op een wijze die de gemeente het meest sticht.

Niet meewerken aan herstel

In de zitting werd gesteld dat de diakenen niet willen meewerken aan een hersteltraject. Dat roept vragen op, omdat de diakenen juist aangeven bereid te zijn tot gesprek en samenwerking. Hun meerdere appèlprocedures getuigen ervan dat zij dit alles graag binnen de kerk hadden opgelost. Gezien de eerdere onjuiste mededeling over de bezwaren, is de betrouwbaarheid van deze bewering misschien ook twijfelachtig?

Daarbij kwam dat de advocaat van de gedaagden zei dat de vijf verkozen broeders hun ambt neerleggen als de acht oud-diakenen in het gelijk worden gesteld. Zij lieten, evenals de deputaten ex artikel 39 DKO, tijdens een schorsing weten niet met de oud-diakenen te kunnen samenwerken. Het is opmerkelijk dat zij de andere partij precies dat verwijten waarvan zij zelf blijk geven.

Rust in de gemeente

De advocaat stelde dat er nu rust heerst in de gemeente. Klopt dat beeld? Waarom kwamen dan zoveel gemeenteleden met verschillende meningen naar de rechtbank? Waarom zijn er bezwaren ingediend tegen de verkozen broeders? Waarom stromen de reacties binnen via onze mailbox? En waarom vinden zoveel mensen herkenning in de opmerkingen van de gewraakte rechter over het kerkrecht? Eerder schreven wij al dat rust niet per definitie een Bijbels doel is.

Slotgedachten

Er is nog altijd geen duidelijkheid over de rechtsgeldigheid van verschillende handelingen in onze gemeente. Ook de rechter had vragen bij de verkiezing van de vijf oud-ambtsdragers. In de rechtbank gedroegen zij zich zodanig dat de zitting vertraging opliep.

Al deze onduidelijkheden en vragen over het wel of niet aftreden van de kerkenraad en de integriteit van beslissingen roepen ook vragen op over het emeritaat van ds. Brugge. Is dat goed verlopen? Waarom werd hem zonder tucht de kansel ontzegd en kunnen de vijf broeders wel weer opnieuw gekozen worden?

En waarom zijn de deputaten ex artikel 39 DKO zo stellig dat de oud-ouderlingen geen schuldbelijdenis hoeven te doen, terwijl zij wel naar anderen wijzen en het achttal oud-diakenen ongeschikt verklaren? Zijn zij zelf nog geschikt als ambtsdragers als het onder hun leiding tot een civiele rechtszaak komt?

Wij blijven uw gebed vragen voor de situatie in onze gemeente en om rechtvaardigheid en wijsheid voor de rechter in de te nemen beslissing.

D.V. volgt een nieuw bericht als de ontwikkelingen daar aanleiding toe geven.

Mocht u vragen of opmerkingen hebben over dit onderwerp, of over de situatie in bredere zin, dan kunt u een e-mail sturen naar: ggtrichtgeldermalsen@gmail.com